CategoryGeen categorie

Waarom dit niet het moment is om in slaap te sukkelen, maar de tijd om op te staan!

Dag en nacht wacht ik op jullie, strijders!

Sinds een paar weken leven veel mensen tussen sprankjes hoop en opgepookte vrees. Onze wereld, het schouwtoneel van doldwaze twisten in het narratief. Potsierlijke slagen in het wiel, waar wij onze machthebbers en hun medialakeien, hobbelend en slingerend, traag op voort zien fietsen.  Het narratief is niet verbogen, maar vertoont regelrecht scheuren in het metaal. 

Waarom ineens dat protest van een heuse V.N. gezant tegen het optreden van de Nederlandse M.E? 

Wat vreemd dat onze gelijkgeschakelde pers ineens artikelen mocht publiceren die tegen het overheids narratief ingingen. Is Omicron dan toch gewoon de griep, pontificaal afgedrukt in de Telegraaf? Zijn sterfte en besmettingscijfers kunstmatig opgepompt? De ongevaccineerden onschuldig? Kondigt de WHO echt het einde van de pandemie af? Zomaar op een verloren zondagavond?

Krijgen de strijders van de verfoeide redelijkheid, schamper ‘wappies’ genoemd door onze ministers van “volksgezondheid”, dan toch hun gelijk? Is de vrijheid aan de winnende hand? Waarom? Ze hadden ons toch precies, waar ze ons wilden hebben. Hun fluwelen vuisten stonden strak geschroefd om onze ballen. 

Waarom zat Károly Illy ineens te schutteren op TV, waar hij eerder het afgelopen jaar bijna giechelend de loftrompet stak over de gentherapie en het prikken van kleine kinderen? Waarom die rare truth glitches van Gommers in de Zoomstream van de Balie? 

Wat betekent het dat Führer look-a-like Karl Lauterbach, die eerder glashard beweerde dat “veel ongevaccineerden deze winter moesten sterven” plots zijn Fehler toegaf. “Die Unvakzinierten sind unschuldig!”

Waarom zijn alle stoere hoofdrolspelers, die tot voor kort vol bravoure het corona gospel stonden te preken, tijdens het coronadebat in de Tweede Kamer ineens vervangen door stuntelende backbenchers, secretaresses, omaatjes… kanonnenvoer? 

Waarom dan toch die onbeholpen, doorzichtige poging om atleten die grijpend naar hun hart op het veld neerzijgen, als omicron slachtoffers te framen? Gaat dit nog om de angstpromotie van een virus of is het slechts het hopeloos afschuiven van schuld? 

Are they losing their grip? 

Of wordt die ijzeren greep juist sterker onder de lange mantel der verwarring?  

Waarom gaan alle covid maatregels eraf aan de overkant van het Kanaal, terwijl ze in Oostenrijk, Frankrijk en Italië snel ondraaglijk worden.

Er zijn duizend vragen. En alles lijkt tegenstrijdig. 

Ik zie een misplaatst gevoel van optimisme om me heen, maar ook veel inktzwart pessimisme. De winkelstraten blijven vollopen met gemaskerderde moeders en gemaskerde kinderen. Hele scholen blijven thuis om een snotneus van één klasgenootje.

De vrijheid vieren voelt als Dolle Dinsdag. De wereld als één stinkende fog of war. Eén gigantische shitshow.

Is de Great Reset voorbij? Gaan ze er met de staart tussen de benen ervandoor. Of wordt het van hier af aan alleen maar erger? 

En waarom wordt er ineens aangestuurd op een oorlog met Rusland? Is dat een gepland onderdeel van het Kabuki theater? Of een paniekerige poging om de aandacht af te leiden van hun inmiddels dichtgeklapte “Window of Opportunity” die alleen nog door een hete Wereldoorlog, weer rinkelend open kan worden gegooid? Een biowapen werkt immers net zo goed of beter dan een mRNA vaccin. En je kunt de Russen er nog de schuld van geven ook. 

Misschien geeft het wat houvast om analogieën te zoeken in het nabije verleden. In een oude strijd die gevoerd werd op dezelfde velden, door dezelfde hoofdrolspelers. Al was het met andere middelen en droegen ze andere uniformen.

De verwarring was kompleet in de korenvelden rond Koersk. Die zomer van 1943 tijdens Operatie Citadel, nadat de allesverlammende dooitijd, de raspoetitsja, voorbij was en de Oekraïnse modder genoeg was opgedroogd om de rupsbanden van Beer en Adelaar genoeg grip te geven en elkaar in dodelijke razernij naar de keel te kunnen vliegen. Net als nu.

Het werd een clash of titans, die in eerste instantie werd gewonnen door de sterk vermagerde Duitse divisies onder van de briljante von Manstein, Model en de eigenwijze Hoth. 

De tankslag bij Prochorovka werd een waar T34 massagraf, hoewel die schande later in de studios van Lenfllm en Moskfilm, onder Chroetsjov tot een glorieuze zege van het Rode leger zou worden omgetoverd.

Toch kwam de overwinning voor Zjoekov er uiteindelijk, maar alleen omdat de Duitsers zich kapot hadden gevochten op de enorme overmacht, de eindeloze tankgrachten en mijnenvelden hun slagkracht dodelijk had verzwakt. Hun initiële terreinwinst bleek een Pyrrhus overwinning. 

Daarbij kwam dat de Geallieerden op hetzelfde moment met Operation Husky, Sicilië waren binnengevallen en Hitler de laatste lucht uit de longen van de kapot gevochten Duitse Panzergrenadiers had geslagen, door veel geharde troepen en versterkingen naar het zuidfront te verplaatsen. 

Maar wat de reden van de aarzeling ook was, Zjoekov zag de zwakte, de aarzelingen en hij rook Duits bloed en zette direct de tegenaanval in. Zijn eigen Blitzkrieg. Erop en erover.

Op drieëntwintig augustus werd Charkov bevrijd. Daarna werd het, met een enkele hick up, een lange stormachtige enkele reis Berlijn. 

Без паузы. Без каникулы.

Zjoekov nam geen genoegen met versoepelingen, schijnbewegingen en smoesjes.  

Hij stak pas tevreden een sigaar op, toen Hitler “kaput” was en de Hamer en Sikkel, trots op de ruïne van de Reichstag wapperde.  

Wij bevinden ons nu in een heel andere strijd dan Zjoekov en zijn generaals. 

Onze oorlog is er één van list en bedrog, van deceptie, massahypnose en indoctrinatie. In een steriel strijdperk waar de uniformen bestaan uit potsierlijke blauwe mondmaskertjes, dure pakken, witte jassen en gele paraplu’s. 

Een stille oorlog, zonder explosies, waarin de kijkcijferkanonnen dreunen en de mRNA vaccinatie het gif van keuze is.

Maar toch. Het offensief tegen ons duurt inmiddels twee jaar. Precies net zo lang als de tijd die het de Wehrmacht kostte om tot Koersk te komen. 

En ook wij bevinden ons nu op een kantelpunt in de strijd.

Onze vijand aarzelt.

Waar we de schoften tot een paar weken geleden onstuitbaar en eensgezind op zagen stormen, hun kanonnen geladen en vast op ons gericht, zien we als bij toverslag alleen nog de stinkende walm uit hun uitlaten. 

De reden is een raadsel. Ze waren immers aan de winnende hand.

Is het omdat ze een ander front willen openen? De economie willen laten imploderen? Of zijn ze oprecht bang voor de opengaande ogen en de wereldwijde volkswoede die aanzwelt?

Misschien is het omdat ze denken dat ze ver genoeg zijn doorgestoten, om hun echte doelen van totale controle en social credit systemen, verder uit te rollen zonder gentherapie en vermoeiende angstoffensieven?

Het maakt niks uit.

Wat de reden van hun aarzeling ook is. Hun stilstand moet nu onze vooruitgang zijn. net als toen in Koersk.

Want of ze nou de passie preken of niet, hun lijnen en kabels liggen er! Onze wetgeving is misvormd naar hun dictatoriale wensen. Zovelen van ons zijn gewend aan hun lockdowns, waanzinnig beleid en repressieve onlogische maatregels.

En 75% van de westerse wereld is inmiddels geprikt met een experimentele gentherapie.

Ze kunnen voor ieder pervers doel, op ieder moment, opnieuw de aanval inzetten. Of het nu voor klimaat, milieu, aliens, solarflares, het instorten van de economie, nieuwe plandemieën of een bioweapon is.

Daarom is het zo belangrijk om juist nu, in dit moment van hun aarzeling, door te knokken met alle vreedzame en wettige middelen die we hebben.

Hun verkrachte wetgeving moet weg. De verbindingen met het WEF moeten verbroken worden. Degenen die schuldig zijn aan de ellende, de zelfmoorden, de faillissementen en de vaccindoden moeten worden aangeklaagd. De protesten moeten groeien in plaats van afnemen. En we moeten als een waanzinnige door blijven bouwen aan eigen alternatieven op ieder vlak. Van scholen tot kerken, Van kroegen tot ziekenhuizen.

Fuck hun witte vlaggetje.

We mogen ons nu niet in slaap laten sussen door smeuige pornoverhaaltjes van de Gooise matras en andere kul.

We zijn nog steeds hun speelbal, hoewel die bal nu even de goede kant op lijkt te rollen.

En dat moet afgelopen zijn.

De wapenspreuk van Zjoekov luidde niet voor niets:

The longer the battle lasts the more force we’ll have to use!

En hij had nog één gevleugelde uitspraak die wellicht nog iets beter beschrijft, wat ik vind dat ons te doen staat.

„Я вас ебал, ебу и буду ебать!“

Zoek het zelf maar even op. 

P.s. Dit was een enorme stuitbevalling.

Vind je mijn werk dus goed, mooi of zelfs belangrijk? Je kunt mij hier ondersteunen.

Vraag aan Van Randwijk.

Les Visions du Chevalier.

De sintelende dwarrel 

geel gloeiend in het koud,

tast eenzaam door de kolen kloven,

speels tastend naar vers hout.

Ons volk gezwicht? 

Het licht gedoofd?  

Of schuilt zij schemerend in het koud

en trotseert zij trots het zwarte licht?

Het vonkje dat het vuur aanhoudt.

Vind je mijn werk mooi? Overweeg dan eens om mijn bundel Olga te kopen.

Als we weer willen leven, moeten we onze navelstreng door durven knippen.

Deze krankzinnige afgelopen jaren doen me denken aan een ellenlange bungee jump. 

Het is alsof we met onze voeten in een strop, pardoes de diepte werden ingeworpen, aan een navelstreng van elastiek.

Van het onschuldige levenslicht, met duizelingwekkende vaart richting een inktzwart aangekondigd onheil.

Van de brug geduwd door een man die we achteraf geen seconde onze rug hadden mogen toekeren.

Een klerk met een apenlachje. 

“Gebeurt dit allemaal echt?”

Van het ene moment op het andere, tolden we in doodsangst loodrecht richting de kale rotsen, met daartussen, ver in de diepte, wat schaapjes en kalfjes als stipjes in de wei naast een kolkend beekje.

We gingen allemaal dood. 

Maar net toen we zeker wisten dat onze kruin zou splijten op een steen en alles voorgoed verloren zou zijn, trok het bungee koord ons terug.

We schoten recht omhoog, openden onze ogen en knipperden tegen het licht.

We waren niet gestorven aan een virus.

Alleen doodsbang gemaakt.

En in een flits zagen we de vale schimmen op de brug. 

Voor het eerst recht in het gezicht.

Een glimp van hun ijskoude ogen.

Zwarte gaten zonder mededogen. 

En zo vielen we weer terug de diepte in. 

Keer op keer.

Stuiterend tussen hoop en vrees op de energie van het ongeloof.

Verward slingerend tussen de chaos van deltavariant en staatsdwang, 

avondklokken, vaccins en politieknuppels.

Op en neer tussen draconische lockdowns en de verraderlijke schijn van vrijheid.

Iedereen die we ooit vertrouwden was ineens acteur. 

En de wereld die wij dachten te begrijpen, werd een decor van alle griezelfilms tegelijk. 

Maar na iedere val veerden we terug en zagen we duidelijker hoe we werden bedrogen. Door wie.

En waarom.

Dat was achteraf ook niet zo moeilijk. Ze schreeuwden het spottend, recht in ons gezicht. 

We konden hen alleen maar niet geloven.

Dat de betere wereld die zij terug wilden bouwen, een wereld was zonder de ademstoot van onze kinderen. Dat ze zero footprint wilden op hun maagdelijke stranden.

Zero carbon, behalve mat glanzend op het stuur van hun Ferrari’s. 

Hun leugens werken niet meer. 

Hun smoesjes vallen dood op onze trommelvliezen.

De spanning is weg, de angst waar zij op groeiden is verdwenen.

Het elastiek van leugens en deceptie is zijn kracht verloren.

Maar nu bungelen wij daar nog in limbo. Zachtjes in de wind.

Gedwongen luisterend naar het gekrijs van boven.

Op onze kop, kronkelend als wormen aan een haakje.

Een paar meter boven het kabbelende water in de vallei.

De hemel boven, de hel beneden.

Of is het andersom?

Voor het eerst in lange tijd horen wij de vogels zingen.

Zien de schoonheid van de beesten, grazend onder ons.

Voor het eerst voelen we de warmte van de zon die dampend weerkaatst op het natte gras.

Ineens doen onze zintuigen weer, waarvoor God ze ons heeft gegeven. 

Verdoofd en verblind als ze waren, door het gif en de leugens van alledag.

Daarom immers springen mensen aan een elastiek van een brug of een hijskraan, 

om opnieuw hun levenskracht te voelen.

Als wij willen leven als nooit te voren, rest ons maar een ding.

Tijd om ons te bevrijden uit het navelstreng van leugens en misleiding.

We maken een sierlijke salto en laten ons vallen.

Het beekje onder ons is vast en zeker diep genoeg.

Op hoop van zegen. 

For God hath not given us the spirit of fear; but of power, and of love, and of a sound mind.

II Timothy 1 –

Vind je mijn werk goed, mooi of zelfs belangrijk? Je kunt mij hier ondersteunen.

Dit wordt onze eerste kerstmis. De geboorte van het licht.

Keurig vierde ik mijn hele leven kerstmis, maar wát vierde ik toch al die tijd precies? 

Was het de partymix van Germaanse vruchtbaarheidsrituelen en een door de kerstster verholen verering van Sirius en de drie koningen van Orion?

Dat tergend lange weekend van files en verveling, opgefluft door mierzoete kerstfilms, bedolven onder een vette laag Postcodekanker, met Humberto Tan, Wendy van Dijk en andere uitgedoofde sterren uit een goddeloos stalletje, poserend voor een ronkende vrachtwagen, hun broze neuzen ondergedompeld in een dun laagje poedersneeuw?

Smaakte het kerstdiner goed? Dat geprop, in een tijd en werelddeel, zonder honger of gebrek, terwijl twee uur vliegen verder, kinderen in hun kribbetje werden gebombardeerd door drones en zuigelingen die geen stalletje konden vinden wegteerden, zonder rijst en schoon water?

Was het symbool van het feest niet handig doorgeschoven naar een door reclamebureaus bedachte, obese kinderlokker, schuddebuikend om de jaarwinst van fosforzuur producent Coca Cola Company?

Smaakte het bittere vlees van al die diertjes, die zich een paar jaartjes wild mochten wanen?

Net zo vrij als wij? 

Voelde het goed, het verorberen van al die schapenboutjes, om het lam Gods te vieren? 

Het geheel overgoten met een mierzoete coulis van Mariah Kerrysaus van de Jumbo.

Hoe kun je het licht zien, als je volgestouwd bent als een slachtgans?

Was het verheffend, die spreekwoordelijke familieruzies, na dat jaarlijkse jaar van opgekropte frustratie en ergernissen?

Vrede op aarde? Die goedkope Champagneflessen die we traditioneel het liefst op elkaars koppen kapot zou slaan? In de mensen een welbehagen?

Festen onder de Mistletoe. Jaar in Jaar uit?

Wat was kerst meer dan mis; een van God en allerheiligen verlaten feest?

Dit jaar heb ik een ander gevoel bij Kerstmis. En ik hoop, jullie ook.

Want voor het eerst zie ik die essentie waar ik mijn leven lang naar heb gezocht.

Dit jaar vier ik de geboorte van de verschoppeling, de verzetsstrijder, de onverzettelijke martelaar, die een koning werd. 

Het kind in kou en soberheid ter wereld gekomen, vanaf de eerste schreeuw, naar het leven gestaan door een demonische overheid. Zoals onze kinderen nu. 

De komende dagen eer ik Jezus Christus, in een feest van de geest en licht. Van sobere schoonheid en warmte. 

En het besef van onmetelijke rijkdom als vader van prachtige kinderen en zoon in een familie van goede mensen.

Dit jaar schuilen we bij elkaar. En smeden we een nieuw verbond onder God, tussen oude en nieuwe vrienden.

En vergeven we degenen die niet zien wat zonneklaar is,

omdat angst en ongeloof, nog als dikke gordijnen voor hun ogen hangen.

Zij die niet vonden wat ze zochten of nooit begonnen zijn met zoeken.

Dit jaar zijn we dankbaar voor de kleine wonderen. 

De kool in het veld. 

Het hout in het bos. 

Het huppelen van een kind. 

De warmte van het vuur. 

We zoeken onze wortels en ontdekken weer hoe we zelf worteltjes kunnen planten, zoals onze voorouders dat deden.

We koesteren deze dagen waarin de geboorte van het goede, een pas de deux danst met het licht, dat onvermijdelijk de demonen zal verdrijven, 

Hoe ze ook blazen en sissen.  En hoe ze ons dit feest met list en bedrog, met angst en alle geweld willen afnemen, omdat zij wél al die tijd beseften hoe groot de betekenis is.

En hoe gevaarlijk het voor ze kan zijn als wij het zien. 

Hun misbaar maakt op mij geen indruk meer.

Hun tijd raakt op.

Wij hebben ons hele leven nog in eeuwigheid. 

Dit jaar vieren we het licht dat de duisternis zal verdrijven. 

Een groter geschenk kon ik niet krijgen.

Vind je mijn werk goed, mooi of zelfs belangrijk? Je kunt mij hier ondersteunen.

Waarom we na twee jaar van geschonden vertrouwen, dringend ons eigen Blijf van ons Lijf Huis moeten bouwen.

Oedipus en de Sfinx.

Het blauwe lijnenspel van Picasso. De notenschema’s van Thunderstruck of Pachelbel’s Canon in D minor. Het kokerrokje van Chanel. De verhaallijn van Hans en Grietje.

Het geniale is vaak kinderlijk eenvoudig. Te eenvoudig om te zien.

Dat geldt ook voor de antwoorden op schijnbaar ingewikkelde vraagstukken. 

Neem de Double Helixstructuur van ons DNA of de oplossing voor het raadsel van de Sfinx. 

Welk schepsel loopt ‘s ochtends op vier benen, ‘s middags op twee benen en ‘s avonds op drie benen?

Oedipus wist het antwoord.

Eenvoud is een bedrieglijk begrip. Omdat die bron van smaak, elegantie en efficiency, voor  ons zo moeilijk te bedenken is; te ongecompliceerd voor de ingewikkeld denkende mens, die in het zweet zijns aanschijns met zoveel rekening moet houden. Zeker in tijden van pest. 

Een mens op zoek naar het eenvoudige, moet eerst het hoofd leeg kunnen vegen, schoon van de stront van alle dag. Vrij mogen denken. Tegen de stroming in durven zwemmen. Omdat het water het helderst is bij de bron.

Niet eenvoudig in deze tijd waarin je wordt geprogrammeerd en afgeleid van het pure, vanaf de eerste adem. 

Niet voor niets hebben we het altijd over wonderkinderen en nooit over wondervolwassenen. Kinderen zijn onbedorven, nog niet belast met mondaine zaken.

Wolfgang Amadeus had niet het vermoeden dat hij met een geniaal meesterwerk bezig was, maar speelde eenvoudig de deuntjes die natuurlijk in hem opkwamen. Schaakkampioen Magnus Carlsen ziet zichzelf als verre van bijzonder. En ook Max Verstappen is zo gewoon gebleven. 

Ik ben alles behalve een wonderkind, laat staan een wondervolwassene, maar wel geoefend in onafhankelijk denken, omdat dit nu eenmaal dé voorwaarde is om in de reclame, als dichter en columnist mn brood te mogen verdienen en de hofnar uit te hangen.

En heel soms krijg ik dus ook zo’n “eenvoudige oplossing” ingegeven, die nooit in je opkomt als je je best doet, maar wordt ingefluisterd onder de douche of zich openbaart tijdens een gedachteloze wandeling op de hei, als door een hoger wezen.

Ineens draait dan een kluisdeur moeiteloos open, waarachter de eenvoud je aanstraalt als een warme kaarsrechte oogverblindende en vanzelfsprekende bundel licht.

In dit geval scheen het licht op de shitstorm waarin we sinds twee jaar met zijn allen staan te spetteren. 

Ik besefte ineens dat de oplossing een kwestie is van energie. 

Onze energie, die we verkeerd gebruiken. 

Wij richten onze energie nu al twee jaar op een overheid, die onze energie tegen ons gebruikt, precies zoals in een “abusive relationship”. Ze putten ons uit met onze eigen hondse trouw, onze angst en ons verdriet.

We discussiëren met hun trollen, laten ons testen en muilkorven door hun vrinden, we smeken bij hun burgemeesters, hopen op hun versoepelingen. We kijken met afgrijzen naar hun persconferenties, we ergeren ons aan hun gekochte influencers, we putten hoop uit hun valse beloftes, worden boos op hun journalisten en gruwelen van hun smoesjes en propaganda. 

We gaan zelfs in discussie over baby’s en sporters die hartaanvallen zouden krijgen van klimaatverandering of de kou. Tegen het gruwelijke beter weten in. 

En in de tussentijd stroomt al onze energie hun kant op. Waar zij alleen maar op groeien.

We worden gemarineerd in onze eigen tranen. Geroosterd in onze eigen afkeer. We beuken ons moe tegen de kille rug van een ijzersterke sociopaat die niets goeds met ons voorheeft. 

We verspillen onze energie aan onze eigen onderdrukking, door onze rol als argeloze echtgenote met verve te blijven spelen in Gaslight of Angel Street, het toneelstuk van Patrick Hamilton. 

Zelfs als we demonstreren, doen we dat met ons gezicht naar torentjes en paleizen.  In de hoop dat ze ons horen en niet uitlachen. 

Terwijl we onze vrijheid moeten demonstreren, niet onze slaafse afhankelijkheid. 

We mogen niet blijven spartelen in het drijfzand waar we zijn ingeleid, maar rustig op onze buik draaien en naar de kant zwemmen.

Maar ondanks alles blijven we steeds als geslagen, hondstrouwe labradors kwispelend naar onze baasjes terugkeren, om met ze te soebatten, boos op ze te worden, ze om hun dovemansoren te slaan met feiten en cijfers, met onderzoeken en statistieken, om tegen ze op te smeken en teleurgesteld in ze in te raken, om hun leugens aan te horen, in de ijdele hoop dat ze weer betrouwbaar worden en weer van ons gaan houden.

We klampen ons aan ze vast als Herr Biedermann aan die Brandstifter. 

Worden we niet gemanipuleerd, geslagen, belogen, onderdrukt en misleid? Worden we niet geïsoleerd, genegeerd en toegeschreeuwd, vernederd, verdeeld  en vol minachting benaderd? En af en toe weer teruggelokt met een hand vol kraaltjes, en wat sprankjes hoop die als rotte wortels voor onze neuzen blijven bungelen? 

Hoelang blijven we kletsen tot we een ons wegen, riposteren en protesteren en ons wentelen in de blijkbaar nog steeds aanwezige liefde voor degenen die ons de ene dag geknakte rozen brengt en de volgende dag lachend onze ouders een bloedneus slaan en onze kinderen willen prikken. 

Kunnen we niet concluderen dat na twee jaar redeneren en discussieren, betrappen onthullen en beschuldigen, we ons steeds dieper in het moeras van een ongezonde relatie hebben gewerkt? 

Is het niet beter ons af te keren van de psycho’s en een Blijf van ons Lijf huis te bouwen voor elkaar? 

De energie van onze demonstraties, petities en bedes niet langer aan hen te richten, maar op ons. Niet langer voor hun paleizen te pleiten en te schreeuwen, maar onze energie te richten op elkaar. 

Zonder geweld en zonder narigheid, onze energie en onze liefde die we maar een keer kunnen besteden, aan elkaar te besteden in plaats van aan een partner die weinig goeds met ons voor heeft.

We verstoren nu hun troosteloze kerstmarkten, terwijl er zelf een kunnen organiseren. We kijken in de kou door de ramen van hun troosteloze QR restaurants, evenementen, winkels en pretparken, waar we niet naar binnen mogen, terwijl we zelf kunnen dansen en muziek kunnen maken op onze eigen feesten en onze eigen wortels in onze eigen tuinen kunnen verbouwen.

Als we ophouden met onze energie te verspillen aan negativiteit angst en verwarring, bouwen we in no time samen een gemeenschap waar iedereen weer welkom is. 

Aan deze Gordiaanse knoop kunnen we eeuwig blijven pulken. We kunnen hem ook gewoon doorhakken en onze energie steken in iets nieuws. 

Zou het zo eenvoudig kunnen zijn?  

Vind je mijn werk goed, mooi of zelfs belangrijk? Je kunt mij hier ondersteunen.

5 December Overdenking.

Het bijzondere van deze tijd?

We hervinden ons verloren houvast,

herwinnen elkaar als broeders

en wassen het gekunstelde perverse van ons af.

Continue reading

De angst het waardeloze te verliezen, doet ons er voor terugdeinzen het kostbaarste te behouden. 

De angst het oude te verlaten, houdt ons gevangen. 

We ploeteren, ingespannen achter met rotzooi volgeladen karren, moeizaam voort, op een modderig, hol boerenpad, waarin een alles doordrenkende regen een onontkoombaar spoor van zuigende, diepe voren heeft gevormd. 

Nog zovelen van ons volgen het spoor van vermolmde systemen, blind vertrouwend op de wissels, die op afstand in zwarte torens achter melkglas, worden omgezet. 

Continue reading

They are coming for your children.

De menselijke kudde heeft een blinde vlek voor slechtheid. Het scherp van het slagersmes, wensen zovelen niet te zien.

Als een kracht te diabolisch is, treedt collectief een geestelijk gif in werking dat ons verlamt en velen van ons tot het uiterste uitdaagt, om alles dat overduidelijk het pure kwaad is, tot het bittere einde te vergoelijken. 

Continue reading

Zomerregen.

Kom zeg me waar.

Ik spring dan op en pak mijn jas.

Waar is de zomerregen?

Continue reading

Als je goed kijkt zie je een lichtje. Als je goed luistert hoor je een stem.

klikken voor het interview

Ik heb er over getwijfeld of ik dit gesprek ook op deze site zou zetten. Maar ik doe het wel. 

Omdat zoveel mensen bezig zijn met precies dezelfde tocht die ik afleg. Een nauw kronkelpaadje, waaraan ook ik pas begonnen ben. En dat dit gesprek je misschien een beetje kan helpen, zoals het mij helpt om te praten en te luisteren.

Continue reading

Onthou!

Zij hebben de media,

het bedrijfsleven,

de kerken

en de farmaceuten.

Continue reading

“Peter, het spijt me.”

Er zit me al te lang iets dwars.

Een graat in mijn keel.

Ik bied mijn verontschuldigingen aan. 

Continue reading

Uitsluitend klagen dat ooit alles beter was, is voor uitgerangeerden die hun onderbroek te weinig verversen.

Copy Jan Bennink. Art Theo Imhoff. Klant DRS Makelaars.

Toen ik in 1991 begon in “de reclame” en me stagiair mocht noemen bij FHV BBDO, betrad ik een wondere wereld vol mooie kerels en oprecht lekkere wijven, zonder baardjes of neusringen. 

De reclamewereld was een heiligdom waar je niet zomaar binnenkwam. Ik was letterlijk 1 van de 1000 hunkeraars naar dat ene plekje aan de Startbaan te Amstelveen.

Continue reading

In tranen bij de groentejuwelier.

Mijn ‘vijanden’, een bont kakelend gezelschap van wufte fadjes met microkaakjes en pukkeltjes, puntbuikjes, kereltjes met sappige tietjes en kippennekjes, aangevuld met een enkele monkelende kabouter op stelten, noemen mij wat graag “Superjank.”

Die koddige koboldjes doen dat uiteraard in de veronderstelling, dat hun geschamper over mijn tranen, die inderdaad tamelijk snel als kleine diamantjes uit hun kliertjes piepen, me verstoort.

Geenszins. Ik kan er wel om lachen.

Continue reading

Mijn eerste interview sinds lang. Over schoonheid, weemoed en dingen die voorbij gaan.

Interview met Tom Zwitser. Klik voor de beelden.

Ik heb jarenlang iedere studio vermeden. En alle uitnodigingen afgeslagen. Zowel radio, internet talkshow als televisie. Na enkele black-outs en heftige hyperventilatie aanvallen op live radio, durfde ik eenvoudig niet meer. En bovendien had ik niet iets toe te voegen, dat twitter ontsteeg. Iedereen kent de gevleugelde uitspraak over “opinions en assholes”. En van beiden zijn er meer dan genoeg in medialand Nederland.

Continue reading