Een land zonder helden is een land zonder ziel en moed.

Ooit was ik trots op mijn land. En hoorde ik er thuis. Wij waren een ander volk. We hadden voorbeelden. Herman Brood, Wolkers. We hadden the Ex en Karel Appel en Deelder, de paradijsvogels van The Last Waterhole, de Hells Angels, Zwarte Joop de Vries, punkers en skinheads en de rebellen van niveau; Oltmans, Fortuyn, De Roy van Zuydewijn, Komrij, de beide Reves, Hermans, van Gogh, Buch en Cruijff natuurlijk.

Van hen, de eigenzinnigen, is slechts de kromme over. De rest die ons rest is gruis.

Hup willem.

Onder de leiding van de culturele elite van de jaren 80 en 90 speldde je Nederland niets op de mouw. Wij fietsten gewoon door rood. We dronken Heineken achter het stuur en gaven onder het oog van de hermandad een vette joint door. En we vochten zonder messen.

Fatsoen daar gaven we niks om en degenen die het opeisten, lachten we recht in hun burgersmoel uit.


Welke geest was er in ons gevaren, in dat rare interbellum? Die geest van vrijheid en creativiteit die tientallen jaren duurde?

Curieus en onlogisch.

Want zowel in de Tweede Wereldoorlog als nu tijdens de “corona pandemie” , blijken wij een compleet ander volk. Bang, verraderlijk, makkelijk te misleiden, vals en dodelijk gezagsgetrouw. De enkele goede niet te na gesproken.

Is het de nabijheid van dood en verderf, die ervoor zorgt dat wij onder de Duitse bezetting een laf en onverschillig volk waren en onder deze medische dictatuur opnieuw zijn geworden? En was de atoomdreiging, het doodsgevaar van die heldentijd, een te abstracte dreiging om ons geestelijk te verlammen?

Waarom zijn wij OPNIEUW de egoïstische, angstige, zelfzuchtige hufters die iedereen met een afwijkende mening en een andere kijk, het liefst kalltstellen, ten bate van het heilige, van de ankers geslagen collectief?
Het collectief, dat zittend voor de treurbuis zich van alles op de mouw laat spelden?
Het collectief dat zijn ouders laat opsluiten en zijn baby’s laat testen en inspuiten. Zonder geweerkolf in de nek?

Misschien is het zo simpel dat we gewoon geen vrije voorbeelden meer hebben. Zodat wij in onze verweesde armoede dit manke impotente leiderschap maar accepteren. Zoals je soms ziet dat een hond een eend opvoedt of een aap een poesje.

Als Herman Brood nog had geleefd, had wat er nu allemaal gebeurt, eenvoudig niet gekund. Herman Brood had bloemschoen en dokter Gommie keihard in hun gezicht uitgelachen. Een drol op hun stoel gedraaid en hun priemende vingertjes gebroken. En Jan Wolkers ook. En Fortuyn en beide Reves hadden zich eveneens nooit neergelegd bij deze dictatuur.
De Angels waren gewoon blijven rijden, met hun prachtige ronde uitlaatgeluiden en hun colors. En ik denk zelfs dat Juliana voor de plannen van haar dochter was gaan liggen. Juliana was wellicht geen schoonheid, maar het was een echt mens, met meer lef in haar linkerpink dan haar kleinzoon met zijn speedboot.

Misschien is het zo dat een platgemaaide cultuur, waar Arnon Grunberg, Splinter Chabot en Abdelkader Benali voor literatuur doorgaan, Jerry Afriyie voor dichter en Willem Alexander voor koning, ieder sprietje van excellentie moet worden afgemaaid, om de eigen stupide invaliditeit niet te pijnlijk te laten blijken. En accepteren we daarom een pathetisch liegende klerk als surrogaatleider. En een basisschool leraar als onze medisch dictator.

We hebben dringend voorbeelden nodig. Vrijdenkers. En waar ze boven het maaiveld uitsteken mogen we ze niet af laten maaien door de grijze afgunstige massa met hun botte zeis. We moeten hun vuur aanblazen, niet uitblazen. Uit goed begrepen eigenbelang.

12 Comments

  1. Prachtig verwoord

  2. Mooi geschreven en helemaal mee eens!

  3. Schitterend verwoord. Dank!

  4. Alhoewel je er ook voor moet waken de jaren’80 en ‘90 te veel te verheerlijken (de marges waren toen ook wel degelijk smal maar lagen anders), onderschrijf ik zeker dat het levensgevoel toen veel vrijer was. Er kon en mocht veel meer, de ruimte om af te wijken was veel groter. Ik mis dat toch.
    We leven tegenwoordig in een totaal risicomijdende dictatuur. Of het nu over je fysieke gezondheid gaat of over je vrijheid van meningsuiting. Genot met een drankje en een sigaretje wordt verdacht gemaakt, illusies over 0 verkeersdoden of zero Covid worden gekoesterd. Je mag niks meer zeggen omdat iedereen meteen ‘gekwetst’ is in zijn identiteitsbubbel. De manier waarop de ‘witte’ Westerling tot zelfkritiek wordt gedwongen begint aardig op de vernederingen te lijken van iedereen die tijdens de Chinese Culturele Revolutie niet in de Maoïstische pas liep. Begrippen als ‘inclusie’ en ‘diversiteit’ worden juist gebruikt om groepen buiten te sluiten. Ik heb in ieder geval nog nooit horen praten over de ondervertegenwoordiging van de Nederlandse plattelandsbewoner in ons bestuur.
    Het ergst van de huidige tijdgeest vind ik misschien nog wel dat totale gebrek aan levensvreugde. Onder de straatstenen het strand riep men in mei ‘68. Die slogan is er een van hoop, van zin in het leven hebben. Woodstock vond net na de Hong Kong griepidemie plaats. Popmuziek was toen een uitdrukking van een positief levensgevoel.
    Fysiek in leven zijn lijkt nu een doel op zich, zonder genot of vrijheid.
    We moeten er zelf maar wat van maken maar de achtergrond waartegen we leven is verstikkend en het ziet er naar uit dat het nog erger wordt.
    Enige oplossing: gewoon blijven doen waar je zin in hebt. Geloven in je eigen autonomie.

  5. Ja Jan, spijker en kop. Maar diegenen die er nu met kop en schouders boven uit steken wordt plat gewalst met toe en ja knikkend, bang gemaakt volk…
    Maakbare wereld…
    Maar niet, maakbaar leven!

  6. Ja, die geest van vrijheid herinner ik me heel goed. Hij verscheen tijdens mijn jeugd in de jaren zestig, en hij begon zich terug te trekken toen ik mezelf “van middelbare leeftijd” mocht noemen, in het laatste decennium van de twintigste eeuw. Eigenlijk is die geest van vrijheid slechts een schamele vijfentwintig jaar onder ons geweest. Ik en mijn generatiegenoten beschouwden die tijdsgeest destijds als “normaal”, maar dat is een foute aanname gebleken. Jij noemt die tijd een interbellum, en dat vind ik een goed gekozen woord. Ik noem het een passerelle van de ene bedompte, zuurstofarme kamer naar de andere bedompte, zuurstofarme kamer.

  7. Daar zit ook altijd aan terug te denken en wilde het ook graag een keer opschrijven maar wist niet goed hoe het te verwoorden, maar het is dus precies zoals ik het in mijn hoofd heb.
    Zo,n goed verhaal dit over onze vrijheid toen, respect man.

  8. …het begon met de minirok , dansen en de Pil….Vrouwen kregen de vrijheid . En mannen volgden die met hun ballen in de hand. Topless, mode, geile muziek ….Mooie mannen die zongen . Lelijke mannen bedreven politiek . Dat werd toen duidelijk. De bureaucratie won toch weer terrein , via werkeloosheid, krakers , demoos , en politieke non-issues. Em slaat nu weer door in totalitarisme . En dat hoeft niet . Vrouwen dienen te ontwaken . Die hebben zich in tweeverdienerssituaties laten dwingen , om politieke correctheid…En dienen alleen maar eerst moeder te zijn …De kinderlozen mogen iets anders doen …; solidair zijn ofzo…

  9. Ben niet zo anti vaccin en civid sceptisch. Maar verder is het helemaal hoe ik het ook voel. Laf kutvolkje zijn we geworden. ‘Regels zijn regels!’ is ons nieuwe tegeltje

  10. Blame the media. Herman Brood zou met zulk gedrag in deze tijd niet gedraaid worden, net als Joost Zwagerman niet meer op de buis mocht, tot hij excuses maakte voor zijn lovende woorden over Fortuyn. Of je moest #ikdoenietmeermee Famke Louise zijn. Misschien geen professor in de virologie, maar wel rijk aan volgers op Instagram. Dan juist werd je uitgenodigd door types als Eva Jinek die je voor het oog van Nederland zou fileren waarna je inkomsten opdroogden. Want dat zijn de media anno 2021. Op wat hardnekkige Galliërs na, maar de pluriformiteit droogt snel op. Je spreekt het woord van de valse God, of je spreekt nooit meer. Mediaplichtigen, zijn het. Zo niet mediadaders. Zonder het tuig was covid nog altijd de griep van 2018. Ook niet voor de poes, maar zeker geen reden tot staat van beleg. En ik kan het weten, want ik heb beiden gehad. Dit is mijn land allang niet meer. Maar dat wist ik al op 6 mei 2002.

  11. Danny Lademacher heet Dany. Het is een Belg. En net als Willem van Hangen leeft hij nog.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *