
Na alle ellende van deze week, mijn omroep die wordt omgeduwd en de AIVD die omstandig in mijn leven aan het wroeten is, leek het me een mooi moment om na lange tijd weer eens een sprookje voor jullie te schrijven. dat voor de zeer goede verstaander losjes is gebaseerd op de ontwikkelingen, maar dat zo voorzien is van krullen en bladgoud dat het hopelijk amper nog te herkennen is. Ik hoop dat jullie het aan jullie kinderen of kleinkinderen willen voorlezen. Ik hoor graag wat ze er van vonden.
Er was eens een groot gezin, dat woonde in een klein houten huisje aan de rand van een park.
Vader, moeder, acht kinderen en een lief stiefdochtertje dat Roosje heette.
Roosje was het kind van een soldaat die aan het front gesneuveld was en een lieve moeder die gestorven was door het verdriet. En de familie aan het park, was de enige plek waar ze onderdak kon vinden.
Maar ze was er niet gewenst. De keurige kinderen mochten haar niet. En de stiefouders hadden stiekem een hekel aan het meisje.
Roosje was anders dan hun eigen kinderen. Ietsje donkerder. Met appelwangetjes. Verfijnd van karakter, een beetje schuw, maar soms ook ondeugend en een beetje eigenwijs.
Bovendien was de familie straatarm. Dus geld om Roosje te onderhouden was er niet. En de kinderen wilden alles dat er wél was voor zichzelf houden.
Nou wilde het geluk, dat in het bronsgroene park voor hun huisje, een enorme, oeroude appelboom stond, zo zwaar beladen met zoete vruchten, dat haar takken bijna doorbogen tot aan de grond. Iedere dag van het jaar.
En omdat er geen geld was voor normaal eten, bakten ze in het huisje een appeltaart. Daarbij aten ze dan een bakje appelmoes en schonken er een glaasje appelsap bij. Iedere dag opnieuw.
Tenminste… de ouders en hun kinderen.
Roosje? Die kreeg niks. Hoewel ze wel iedere dag de appels moest plukken tot haar handen pijn deden en de zware mand alleen naar huis moest tillen.
Het was haar streng verboden om zelf van de appels te eten.
Eenmaal thuis moest Roosje alle appels wassen en snijden met een bot mesje en het spaarzame deeg, zonder eieren, kneden. Daarna moest ze de appelmoes persen en het sap eruit proberen te filteren.
Zelf kreeg ze alleen de stapel schillen, die ze moest delen met het varken.
En als ze het waagde van het armzalige taartdeeg te snoepen, dan zwaaide er wat. Overal waar de stiefvader haar kon raken, zwiepte dan de harde tak van de appelboom over haar lichaam, tot ze huilde van de pijn.
Maar op een kwade nacht had Roosje zoveel honger, dat ze het niet meer uithield. Ze viel bijna flauw.
Dus sloop ze door de koude gang op versleten kousenvoetjes naar buiten, door het natte gras naar de schaduw van de knoestige boom, die daar ongenaakbaar stond, scherp afgetekend in het witte maanlicht. Snel plukte ze één grote glimmende appel van de allerlaagste tak en beet erin.
Wat was dat heerlijk!
Maar oh wee.
Toen ze zich omkeerde zag Roosje in de verte, haar stiefmoeder die al in de deuropening haar op stond te wachten. Met haar handen in haar zij en een rood aangelopen gezicht.
“Dief,” beet ze Roosje toe. “Jij steelt van onze boom. Dat zal ik je betaald zetten.”
De stiefmoeder greep Roosje bij haar vlechten, sleepte het meisje naar het hondenhokje achter het huis, duwde haar met harde hand naar binnen en deed de deur op de roestige grendel.
Waar ze viel bleef Roosje liggen, in het vieze stro, tussen de oude dekens en de geur van vochtige aarde, in het donker. Met als enige voedsel het klokhuis van de appel die ze net had geplukt.
Ze vond het niet zo lekker en er zat weinig zoets meer aan, maar ze at het harde restje toch maar op, omdat ze eenvoudig niets anders meer had.
Ze had zo’n vreselijke honger.
Daarna sliep ze in, overmand door verdriet en kou.
Maar de volgende morgen werd ze niet meer wakker.
Toen haar stiefvader haar vond, opgerold als een garnaaltje, was ze zo vermagerd dat je haar ribbetjes kon tellen. En haar appelwangetjes waren ingevallen en spierwit.
Ze was dood.
De stiefouders keken elkaar aan, hun ogen koud; “dit mocht niemand te weten komen”. Dus droegen ze Roosje snel naar binnen, langs de appelboom wiens majestueuze kroon plots even kreunde in de winterwind.
Ze wrikten, voor de kinderen wakker zouden worden, een paar planken uit de vloer en begroeven Roosje daar in het rulle zand onder het huisje. En het leek alsof ze nooit had bestaan.
Het leven ging verder, alsof er niets was gebeurd.
Want niemand kende Roosje immers en niemand miste haar.
De kinderen kregen iedere dag hun appeltaart, hun appelsap, en hun appelmoes. Van de appels die ze nu zelf moesten plukken. En de grote boom bleef gewoon appels dragen als voorheen.
Alleen werden de vruchten ineens rozenrood in plaats van appelgroen.
En de knoestige takken van de boom, kregen plots gemene doorns, als kleine harde hoorntjes van een neushoorn.
Maar iedereen haalde daar hun schouders over op.
De appeltjes smaakten nog net zo goed, ietsje zuurder, al leken ze wat moeilijker te plukken. Alsof de boom ze liever wilde houden.
Alles ging zo door, tot op een ochtend in April -ze zaten net aan hun eerste stukje appeltaart- er iets knarste en piepte in het huis.
Een vloerplank leek plots uit zichzelf omhoog te buigen. Eerst dacht de familie geschrokken, dat het wrakkige oude huis wat verzakte of dat er misschien een rotte balk afgebroken was.
Maar toen zagen ze het. Tot hun grote schrik en verbazing. Een knoestige tak vol groene scheuten, wurmde zich als een wurgslang van bast, tussen de naden van de vloerplanken.
Ineens versplinterde de hele houten vloer! En voor ze er erg in hadden of zelfs maar aan vluchten konden denken, duwden de wortels de vloerplanken verticaal omhoog, de knoestige takken braken door het dak, de stam zwol op tot de muren uit elkaar werden gedreven en de stenen in een hoop op de ongelukkige familie neerstortten. Vader moeder en acht kinderen, die Roosje geen moment hadden gemist, verdwenen zonder een kik te geven in de aarde, tussen de kronkelende wortels.
En zie.
Uit de pitjes in de buik van Roosje was een gigantische appelboom gegroeid, die het hele huis met iedereen erin had verzwolgen.
Vader, moeder, de acht kinderen, alles verdween in de omarming van de knoestige takken en het groene blad.
En niemand kon het navertellen. Want appelbomen praten niet.
Alleen heel soms, ‘s avond heel laat, bij volle maan, als de winterwind door de bladeren van de appelbomen in het park ruist, hoor je, als je heel goed luistert, nog zacht het geluid van een klein meisje dat met een bot mesje een appeltje aan het schillen is.
Vind je mijn werk mooi? Support mij dan. De roebels van deze week zijn opgegaan aan goedkope wodka en gevulde eieren.
Vind je mijn werk goed, mooi of zelfs belangrijk? Deel deze post dan zoveel mogelijk! Ook kun je mijn werk ondersteunen met een donatie!












6 September 2026 at 21:05
Uiteindelijk komt de tijd van afrekening hoe weten we niet maar hij komt. Alles is één. Een kringloop.
6 September 2026 at 21:07
jij begrijpt m, Judy.
6 September 2026 at 21:06
Erg spannend verhaal voor onze(klein)kinderen, aandachtig luisterend, gefronste wenkbrouwtjes, af en toe angstig kijkend, maar blij dat het verhaal uiteindelijkeeen goed einde kreeg.
Voor de wat ouderen leek het alsof onze politici de rol van die vreselijke familie vertegenwoordigde die de hardwerkende Nederlander aan het verslinden en vernietigen was, maar uiteindelijk zelf genadeloos daarvoor afgestraft werd.
Dank.
6 September 2026 at 21:08
Ow wat leuk, je hebt het al voorgelezen!
6 September 2026 at 21:12
Ik heb dit met plezier gelezen!
6 September 2026 at 21:13
Dat doet me goed. Ook fijn jou hier te zien.
6 September 2026 at 21:19
Met ziellozen gaat het altijd goed! 4 huizen, 4 auto’s, 4 vrouwen en 4 schoonmoeders 🙂
7 September 2026 at 08:49
4 schoonmoeders?!?!
6 September 2026 at 21:40
Supermooi Jan, mooi mooi, dank je wel
7 September 2026 at 05:16
Wat een gave tekening! En dat die AIVD maar eens criminelen (lees: politici) in de gaten gaat houden🤔
7 September 2026 at 09:51
Wat een mooi en triest verhaal Jan ,, en ja in mijn beleving komen ze allemaal aan de beurt.💪
7 September 2026 at 09:59
Mooi verhaal Jan, zo werkt karma.
7 September 2026 at 11:43
Mooi verhaal Jan.
Onze kleinzoon heeft een apparaat die verhaaltjes afspeelt. Deze ga ik voorlezen en opnemen zodat mijn dochter het op zijn apparaat kan zetten.
Mooie dag!
7 September 2026 at 11:44
wat leuk!
7 September 2026 at 12:22
Weer eens wat anders dan Alice in Wonderland.