Category: Poetry

Een bijzonder gesprek met Sietske Bergsma.

Click op het plaatje voor de Podcast met Sietske.

Als deze bizarre tijd van dwang en drang, van uitsluiting en tribalisme, één waardevol effect heeft, is dat het verschijnsel dat de kudde niet alleen uit elkaar wordt gedreven, maar dat de zwarte schapen ook nader tot elkaar komen. 

Uitsluiting leidt tot insluiting. Oude breuken leiden tot nieuwe sterkere banden. Verdrijving tot omhelzing.

Continue reading

Vind je mijn werk goed, mooi of zelfs belangrijk? Deel deze post dan zoveel mogelijk! Ook kun je mijn werk ondersteunen met een donatie!

Mijn eerste interview sinds lang. Over schoonheid, weemoed en dingen die voorbij gaan.

Interview met Tom Zwitser. Klik voor de beelden.

Ik heb jarenlang iedere studio vermeden. En alle uitnodigingen afgeslagen. Zowel radio, internet talkshow als televisie. Na enkele black-outs en heftige hyperventilatie aanvallen op live radio, durfde ik eenvoudig niet meer. En bovendien had ik niet iets toe te voegen, dat twitter ontsteeg. Iedereen kent de gevleugelde uitspraak over “opinions en assholes”. En van beiden zijn er meer dan genoeg in medialand Nederland.

Continue reading

Vind je mijn werk goed, mooi of zelfs belangrijk? Deel deze post dan zoveel mogelijk! Ook kun je mijn werk ondersteunen met een donatie!

Mijn dichtbundel is uit. Ze heet Olga.

Ik denk dat je geen dichter kunt worden. 

Dat je het nooit of altijd was. 

Dat je het ontdekt, als gekkigheid verdringt of veronachtzaamt 

of uitgraaft en oppoetst met een zachte wollen doek.

Ik heb het omarmd en alle kwetsbaarheid voor spot en hoon aanvaard.

Continue reading

Vind je mijn werk goed, mooi of zelfs belangrijk? Deel deze post dan zoveel mogelijk! Ook kun je mijn werk ondersteunen met een donatie!

Roodwangetje en de Wolf.

In een huisje aan de rand van het Gooise bos woonde eens een lief jongetje, die door zijn ouders “Roodwangetje”, werd genoemd, omdat hij zulke schattige rode appelwangetjes had. Vuurrode koontjes onder eerlijke stralende oogjes. 

Op een dag zei vader, die zielsveel van Roodwangetje hield. “Roodwangetje, Roodwangetje, in het peperkoeken verzorgingshuisje in het bos, wonen oude oma’s en opa’s. Ze hebben dringend gratis kapjes nodig, want ze zijn arm en ziek en zwak. En als jij ze niet snel die mondkapjes brengt, gaan ze dood aan een vreselijke griep.

“Natuurlijk zal ik dat doen voor die arme mensjes, lieve vader,” zei Roodwangetje. 

Hij pakte opgewekt een mandje vol Chinese mondkapjes in. En ging welgemoed op pad, de Bussumer grindweg af, het donkere bos in. De mondkapjes strak onder zijn porseleinen armpjes geklemd. 

Ineens hoorde Roodwangetje zacht geritsel in de struiken. En voor hij er erg in had stond daar een tengere wolf in skinny jeans, grijnzend midden op het pad. Een pratende wolf nochtans. 

“Dag lieve jongen, met je mooie rode wangetjes, waar ga jij naartoe met dat mooie, grote mandje?” 

Dag Wolf, ik ga naar de opa’s en oma’s, die zijn ziek. Ik ga ze gratis mondkapjes brengen en ontsmettende tinctuur.” 

“Wat lief van je, Roodwangetje, jij bent een goede jongen. Maar dat mandje is veel te zwaar voor zo’n klein kereltje. Ik ben toch veel sterker! Weet je wat? Verkoop die mooie mondkapjes aan mij, zodat je voor jezelf lekkere koekjes kunt kopen en bloemetjes voor je moeder. Dan geef ik die mondkapjes weg aan de zieke oma’s en opa’s. Erewoord.” 

Roodwangetje twijfelde. 

Dit was niet wat zijn lieve vadertje had gevraagd. Maar het mandje was inderdaad zwaar, koekjes waren erg lekker en wat zou zijn moesje blij verrast zijn met een ruiker bloemen. 

Hij zei tegen de Wolf. “Ok wolf, ik zal je mijn kapjes aan je verkopen, maar ze kosten wel veel centjes, want mijn favoriete koekjes zijn duur en mijn moedertje verdient geen gewone bloemen, maar een grote ruiker van Bloemenatelier Menno Kroon in de Cornelis Schuytstraat.”

De Wolf twijfelde geen moment en schreef een cheque met zoveel nullen, dat hij zijn ganzenveer twee keer opnieuw in de inktpot, die hij uit zijn windjack haalde, moest dopen. Toen Roodwangetje dat zag, gaf hij grif het mandje met de mondkapjes aan de wolf, die tevreden over zijn spuuglok wreef. 

Ze namen afscheid en Roodwangetje keerde huppelend om, op weg naar het huisje aan de rand van het bos, opgetogen over de mooie bloemen en de vele centjes, waar hij en zijn lieve ouders een veel mooier huisje en misschien wel een Tesla van konden kopen. 

Het was nog flink eindje lopen, maar daar was dan eindelijk het einde van het paadje dat naar zijn ouderlijk huis leidde. Wat zouden vader en moeder blij zijn!

Maar wat was dat? 

Op de schemerige oprijlaan van hun huisje, zag Roodwangetje, allemaal lampjes. blauwe scherpe lichtjes. Wat kon dat zijn? Hij maakte voort en zag het nu beter. 

Voor de deur stonden twee politieauto’s. Een streng agentje stond te praten met zijn vadertje, die op zijn knieën viel van verdriet. 

“Roodwangetje, roodwangetje, wat heb je toch gedaan?”

Roodwangetje was verbijsterd. Wat kon er zijn gebeurd? Hij had toch een goede deal gemaakt?

Toen draaide hij in een flits naar de politieauto, want vanaf de achterbank kwam een bekende stem.

Daar in de schaduw zat de grijnzende wolf, die opa en oma’s in alle vertrouwen hadden binnengelaten, omdat ze een lieve jongen met rode wangetjes verwachtten en geen bloeddorstige wolf, verborgen achter een mondkapje.

De wolf mompelde vals; “Jouw schuld Roodwangetje. Dit is jouw schuld.”

Zijn poten geboeid, zijn buikje rond gegeten…

…en op zijn bebloede bek prijkte een rood kapje.

Vind je mijn werk goed, mooi of zelfs belangrijk? Deel deze post dan zoveel mogelijk! Ook kun je mijn werk ondersteunen met een donatie!

Hemelzee

Seihō Takeuchi

Azuren wolken, kolken.

Splinterregen splijt als dolken, 

loom,

het uitgebeende licht.

Zij trotseert de glazen golven,

tuimelt, klimt en scheert verbolgen,

Stuit het flessengroene zicht.

Vind je mijn werk goed, mooi of zelfs belangrijk? Deel deze post dan zoveel mogelijk! Ook kun je mijn werk ondersteunen met een donatie!

Laura

Een gedicht voor Laura Bromet.

Een straat van steen.

Geen lachend kind,

of lome bomen.

Een steriel struikje hapt naar lucht

en vind één bromvlieg

tollend om haar plastic bloemen.

Jan Bennink 2021

Vind je mijn werk goed, mooi of zelfs belangrijk? Deel deze post dan zoveel mogelijk! Ook kun je mijn werk ondersteunen met een donatie!